Trump's 15% importheffing treft Apple hard

dinsdag, 24 februari 2026 (14:30) - AppleNieuws.nl

In dit artikel:

President Donald Trump heeft via een noodbevoegdheid een wereldwijde invoerheffing van 15 procent ingesteld op goederen die de Verenigde Staten binnenkomen; de maatregel geldt maximaal 150 dagen en volgt op een uitspraak van het Supreme Court die zijn eerdere systeem van “reciprocal tariffs” ongeldig maakte. Wat aanvankelijk als een uniforme 10 procent begon, is snel opgeschroefd naar het wettelijke maximum van 15 procent, waarmee het Witte Huis de handelsdruk duidelijk opvoert.

De maatregel treft vooral grote multinationals met productie buiten de VS, waarbij Apple als duidelijk voorbeeld wordt genoemd. Omdat vrijwel al zijn hardware—iPhones, iPads, MacBooks—buiten de VS wordt geassembleerd en met hoge volumes en krappe marges werkt, betekent een extra invoerkost van 15 procent directe meerkosten van miljarden. De gebruikelijke strategie om productie naar andere landen te verplaatsen om tarieven te ontwijken valt weg doordat de heffing wereldwijd geldt.

Ook de complexe toeleveringsketen van Apple verergert het probleem: onderdelen kruisen vaak meerdere grenzen, waardoor meerdere invoerheffingen kunnen ontstaan en de kostprijs verder stijgt. Apple staat voor een lastige keuze: de hogere kosten doorberekenen aan Amerikaanse consumenten (hogere verkoopprijzen, mogelijk minder vraag) of de lasten zelf dragen (minder winst en druk op aandelenkoers). Structurele oplossingen zoals grootschalige verplaatsing van productie naar de VS zouden op korte termijn onpraktisch en kostbaar zijn.

De nieuwe importbelasting maakt duidelijk dat het debat over handelspolitiek direct uitwerkt op consumentenprijzen en de strategische positie van technologiebedrijven. Of Apple nu prijzen verhoogt of marges opoffert, de 15 procent-heffing levert tastbare gevolgen op voor het bedrijf en voor Amerikaanse kopers.